De kracht van het getal

Dienstmededeling: ik ben begonnen met wiskunde studeren. From scratch. Ik had mij dat lang geleden voorgenomen: als ik ooit stop met werken, ga ik wiskunde studeren. Niet dat ik het gevoel heb dat ik ooit heb moeten werken – een gevoel dat ik u allen toewens – maar ik ga wel wiskunde doen. Omdat ik mij – hou u vast: hier komt pretentie – niet kan voorstellen dat ik daar te dom voor ben. Terwijl ik tussen mijn twaalfde en achttiende voor wiskunde amper met de hakken over de sloot kwam, en ik deed echt mijn best. En dan ging het nog over het minimumprogramma: Latijn-Griekse, drie uur per week. En dus nu: Wiskunde voor Dummies.

Maar er is meer. Ik heb intussen ook begrepen dat wiskunde de meest universele taal ter wereld is. Ik heb ook begrepen dat we eerst wiskunde kenden, en daarna ontdekten dat het universum overeenkwam met die wiskundige wetten. En vandaag, weet ik ook, wordt de hele wereld gestuurd door logaritmes. Dat ik mij in de verste verte zelfs niet kan voorstellen wat dat is, irriteert mij mateloos. En dus : Wiskunde voor Dummies.

En ik doe het grondig, en dus lees ik ook de historische uitweidingen. Over het cijfer 0 bijvoorbeeld. Dat stukken jonger blijkt te zijn dan zijn soortgenoten 1, 2, 3  en alles wat erop volgt. Wat merkwaardig is, omdat het woord cijfer komt van een Arabisch woord dat leeg betekent, en dus staat voor 0. Jaja, allemaal in Wiskunde voor Dummies.  

Dat begint bij het begin: getallen. Daarvan wist ik eigenlijk alleen maar hoe je er in communicatie moet mee omspringen. ‘Geen 5 cijfers in één minuut’, schreeuwde wijlen hoofdredacteur Jan Robberecht toen we begonnen op de BRT. ‘Eén cijfer! Dat onthouden de mensen! Allez, ik zal mild zijn: als het echt moet: twee! Geeft ge er drie, dan smijt ik u buiten!’ (Jan kwam uit het leger, en gebruikte bij de journalistenopleiding the army method: drill, roepen, beledigen, kleineren en nog andere zeer onaangename dingen. Maar het werkte wel. Ik en vele anderen hebben flink afgezien, maar ook veel geleerd.)

En Jan had overschot van gelijk: één cijfer onthouden de mensen. Meer zelfs: één cijfer is ook aantrekkelijk. Het is geen toeval dat op de cover van de Flair of de Libelle heel vaak gewerkt wordt met cijfers: 5 gemakkelijke diëten – 7 soorten ontrouw -  10 tips voor een vernieuwd seksleven. Het leven in lijstjes; Umberto Ecco heeft daarover een zeer geestig boekje geschreven.

In Coronatijden zijn we dat kennelijk allemaal vergeten: elke dag krijgen we een cijfer-bombardement. En zoals zo vaak bij een bombardement: daarna komt een rook- en stofgordijn waarin we veel misthoorns horen toeteren, maar zelden schepen zien varen. En ik, als piepjong aspirant-wiskundige, word overvallen door frustratie: ook de meest universele taal is niet alleen grammatica (de regels van het spel) maar ook idioom (elke vogel zingt zoals hij gebekt is). Het gevolg is wel het omgekeerde van wat ik wil: weten wordt niet-weten… Zelfs het aloude meten is weten blijkt niet te kloppen.

Ik verwijs niet alleen naar onze waanzinnig-zelfdestructieve manier van doden tellen, waarvan je je moet afvragen: wie heeft dat zo beslist? Er is meer. U moet eens op de site van de VRT kijken naar https://www.vrt.be/vrtnws/nl/dossiers/2020/03/coronadashboard/). Men biedt u daar aan om, ondanks de bomen, het bos te zien. Maar helaas, teveel bomen, zeker waar, maar het bos? Zelfs een eenvoudig gegeven als de internationale vergelijking van het aantal opnames op intensieve zorg is niet simpel. In Spanje tellen ze iedereen die ‘ooit in het ziekenhuis heeft gelegen’. Andere landen tellen diegenen die er NU liggen… U mag eens raden wie er op kop staat?

Idem dito voor de vergelijking van het aantal overlijdens. In Het Nieuwsblad lees ik dat wij op nummer één staan. Niet zo bij de VRT. Daar werken ze met een logaritmische schaal en met een heatmap. Op de site staat wat dat is, maar ondanks Wiskunde voor Dummies kan dat voor mij het mysterie alleen maar vergroten. Al twijfel ik niet aan de zin van die schalen: ze zullen voor specialisten ongetwijfeld nuttig zijn. En in de literatuur is ‘het mysterie vergroten’ altijd belangrijk geweest. Maar als het om informatie of journalistiek gaat is dat verwarrend, ja zelfs kwalijk. Onder meer omdat het gevaarlijke idee dat ‘men’ het niet wil weten en dat ‘wij’ het niet mogen weten, daardoor wordt versterkt. Dan is er weinig nodig om niet meer de ironie te zien toen de aloude Winston zei alleen cijfers te geloven als hij ze zelf had vervalst…

Al is er gelukkig ook simpele wiskunde. Als ik lees dat bij een behoorlijk grote groep mensen inkomen na Corona > inkomen vóór Corona, dan weet ik het wel. Ik begrijp ook alles als ik lees dat de onderwijsbonden vinden dat de schoolvakantie = twee volle maanden – ‘het staat zo in de wet’.

Pittig detail tussendoor: in Zuid-Afrika werden de scholen heel snel gesloten. Maar tegelijk werd aangekondigd dat de verloren tijd in juli zou worden ingehaald, vooral, werd letterlijk gezegd, ten bate van minder welgestelde kinderen. Ik heb dat Zuid-Afrikaanse voorbeeld op Twitter gezet, en kreeg, naast ronduit racistische reacties uit een hoek die nochtans prat gaat op het tegendeel, van een rode vakbonder het antwoord dat het in Zuid-Afrika in juli wel winter is… Ik wist echt niet wat ik daar moest op antwoorden.

Mijn nog niet al te ver gevorderde studie van de wiskunde dwingt mij ook de Coronarekening eerder literair te benaderen. 10 miljard? 100? 1000? Ik weet het niet. Het antwoord is: veel, zeer veel, pijnlijk veel. Het doet me denken – literaire thema’s vind je ook onder de kerktoren - aan een familiefeest in de Kempen, toen aan tante X werd gevraagd: ‘En wa godde gij nog drinken, tante X?’ Haar schitterende antwoord was: ‘Veul!’ (Tante X was een voormalige wiskundelerares…)

Hoewel… Ook in de literatuur leer je iets over wiskunde. De memoires van de heer Daegeman is een minder bekende roman van Louis-Paul Boon. Daarin komt een scène waarin de heer Daegeman, als kind dat opgroeit in de zwaarste ontbering en armoede, op een avond door zijn ouders naar buiten wordt geranseld. Hij vlucht en komt terecht op de stoep van een bordeel. Een dronken man komt buiten, en uit zijn broekzak vallen een aantal bankbriefjes – later blijkt dat geld het begin te zijn van zijn groot fortuin. De heer Daegeman raapt die op, maar hij is nooit naar school geweest. Hij weet wel dat hij geld heeft, maar is dat 10, 100, 1000, 10 000? En dan komt een zin die ik lang geleden als geestige wijsheid heb overgeschreven. Boon schrijft: ‘Vanaf dat moment wist hij dat de nullen in het leven belangrijk zijn.’ Dat is ook wiskunde, en oneindig veel meer.

Het kan dienen voor onze dagelijkse afleveringen Corona voor Dummies.


Eerder

Ne muer op de Gantoise

Als kind ging ik met mijn grootvader naar de Gantoise kijken. De topschutter toen was de eerste en lange tijd enige zwarte speler in onze competitie: Leon Mokuna. Hij is begin dit jaar overleden. I...

Lees het hele artikel

Dat ene moment

Theo Francken heeft gelijk, al kan je erover discussiëren of hij dat ook zo had moeten zeggen. Maar er is wel degelijk een akkoord mogelijk tussen noord en zuid, gedragen door de grootste partijen ...

Lees het hele artikel

Het is gebeurd: de Coronabocht

Vorige week was het zover: de Coronabocht is ingezet. En zoals dat gaat met bochten: halfweg terugkeren is geen optie. En nog iets wat we al wisten maar toch blijft het fascinerend om zien: het med...

Lees het hele artikel

Het virus heet Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa

De dokter is uw kameraad niet is de jongste roman van Louis Van Dievel, en – ik val met de deur in huis – het is een mustread voor wie van Vlaanderen houdt, en het net daarom beter wil leren kennen...

Lees het hele artikel
1 van pagina's Nieuwer Eerder