De Chinuzen Tango

‘Do not worry, Mr Speaker, we have many other opportunities to invest our money.’ Het waren de woorden van de voorzitter van de State Grid Corporation of China. Ik was met een delegatie van de Kamer in Peking: ik moest wat tekst en uitleg geven over de mislukte deal met Eandis.

Ter herinnering: in de herfst van 2016 wou netwerkbeheerder Eandis een zevende van zijn aandelen  verkopen aan State Grid, voor dik 800 miljoen euro. Eandis moet zijn netwerk moderniseren, en dat kost 400 miljoen. Geld dat de aandeelhouders, 229 Vlaamse steden en gemeenten, niet hebben. In de gemeenteraden van al die steden en gemeenten moest daarover worden gestemd. En toen was er politieke chaos. Niet alleen was stad A voor en stad B tegen, maar er was ook geen partijlijn: in stad A stemde partij X voor, en in B stemde diezelfde partij tegen. En dat was zo in alle partijen. Uiteindelijk werd de deal afgeblazen.

Ook toen ging de discussie over hoe omgaan met China. De Volksrepubliek is geen democratie… De mensenrechten zijn daar rekbaar… En gaan we nu ons vitaal elektriciteitsnetwerk afstaan aan een bedrijf dat misschien in handen zit van de Chinese staat? (‘Aan die bedrijfsnaam te zien, zou het kunnen’, schamperde Louis Tobback.) En is het de Chinezen uiteindelijk niet te doen om de wereldheerschappij?

Het is een discussie die we vandaag in de Coronacrisis overdoen. In de kranten, en ook op Doorbraak. Alleen is onze positie nu een beetje anders. Veel te kiezen hebben we niet: we zijn doodblij als de Chinezen ons eindelijk een vliegtuig mondmaskers toezenden. Dan nog na tussenkomst van de koning, die dat heeft gevraagd aan zijn vriend, president Xi Jinping. We zijn blij als overal in Europa China op indrukwekkende wijze zijn diensten aanbiedt: experts, mét mondmaskers en tonnen ander materiaal. We zijn én blij én ongemakkelijk.

Net zoals toen bij State Grid. Wat ik daar ging zeggen was zorgvuldig voorbereid – we hebben uitstekende diplomaten. Eigenlijk waren dat excuses. Maar we kregen dus het realo-antwoord dat hierboven staat. Zoals altijd zeer beleefd en met de glimlach. En alsof dat niet duidelijk genoeg was, werden we ook naar een soort tussenverdieping geleid vanwaar je zicht had op een heel grote zaal met een twintigtal jonge-mensen-met-computers en reusachtige schermen waarop je netwerken zag over de hele wereld. En toen werd die tussenverdieping ook nog eens verduisterd, en kregen we in pure Disneylandstijl (inclusief een typisch Amerikaanse commentaarstem) een klank- en lichtspel over State Grid Worldwide… Daaruit bleek: ze zaten gewoon overal.

Pas daarna kwam de kat op de koord. Want er was in de loop van dat Vlaamse Eandis-debat ook een ‘geheime’ nota van de staatsveiligheid uitgelekt. Via open bronnen was men erop uitgekomen dat er een band was tussen State Grid en de Chinese staat, inclusief het leger en de Inlichtingendiensten. In Vlaanderen is daar toen veel mee gelachen: het zalig zinnetje van Tobback werd tientallen keren geciteerd. Helaas, de Chinezen konden daar niet mee lachen.

Een regelrechte belediging, het toedichten van de allerslechtste intenties, uitgerekend op het moment dat we de 40ste verjaardag van de Belgo-Chinese diplomatieke betrekkingen vieren! Was dat onze opvatting over vriend- of partnerschap? Verdienden ze dan dat soort verdachtmakingen? Ik kan niet herhalen wat ik toen heb geantwoord, maar ik heb blijkbaar iets gezegd waarover de Belgische delegatie nogal tevreden was, en State Grid ook. Oef!

Maar nu is het aan u. De Chinezen… Vrienden of vijanden? Vertrouwen of achterdocht? Binnen halen of buiten houden? Iets tussenin is moeilijk, gaan ze ook nooit aanvaarden. Na de Coronacrisis moeten we beslissen…  Quid?

Bij wijze van insteek: de samenvatting van mijn reisverslag.

Nooit vergeet ik het open (?) gesprek met een dertigtal studenten van de universiteit van Chengdu. De helft ervan had ook in België gestudeerd. Vanuit mijn media-verleden dacht ik: ik ga, na het uitwisselen van de beleefdheden, hen laten beginnen. Over wat hen bij ons was opgevallen als minpunt in onze samenleving? Het bleef enige tijd stil, maar na ongeveer één minuut zei een economiestudente dat ze het toch wel raar vond dat als ze in België iets online bestelde pakweg vóór vier uur ’s middags, dat ze dat, anders dan in China, de dag nadien niet bezorgd kreeg. Dat duurde één of zelfs twee dagen langer…

Nooit vergeet ik het gesprek met een van de bazen van de Volvo-fabriek in dezelfde stad; een man uit Eeklo. 25000 arbeiders maakten daar Volvo’s met hetzelfde kwaliteitsniveau als de Volvo’s uit Gent. Maar dus met meer volk en veel minder technologie. Nagaan of een auto waterdicht is doen ze daar door er in een soortement lange en hevige douche mee te rijden. Of er sociale problemen waren? Ja, zei de man, de overuren.. Klinkt mij bekend in de oren, dacht ik: duur voor de werkgever, en je moet er moeilijke akkoorden over maken. Fout, zo bleek. De Volvo-arbeiders van Chengdu eisten overuren, en zo veel mogelijk. Helaas had men gezien dat te veel overuren kwaliteitsverlies betekende. En dus werd de band stilgelegd. En dan kwam er zwaar sociaal protest…

Nooit vergeet ik het bezoek aan Tibet. Normaal komen daar geen buitenlandse delegaties, maar omdat ik niet zo’n fan ben van de Dalai Lama – ik versta die man niet – en ik dat zelfs ooit eens publiek gezegd had, mocht ik – bovendien een Vlaams-nationalist - dat wel. Tibet is officieel het andere China, het is de Autonomous Region of Tibet. De hoofdstad Lhasa ademt religie (met uitsluiting van de huidige Dalai Lama, want die doet aan politiek, werd ons gezegd). Maar er is nog. De gemiddelde Tibetaan gaat nu dood op 68 (veel vroeger dan de gemiddelde Chinees). Toen Mao begon, was dat 38… Ik bezocht er ook een (eigenlijk Italiaanse) brouwerij. Probleem? De overuren…

Nooit vergeet ik het gesprek met de naar verluidt enige Chinese Think tank. Gemiddelde leeftijd: halfweg dertig. De knapste koppen van het land, dwz 1,3 miljard mensen. Bezig met de lange termijn, zegden ze, en ze haastten zich eraan toe te voegen dat ze daar wel een verschil konden maken met ons… Waarmee ze nu bezig waren (ik spreek over 2017)?  Het klimaat. Dat maakte toen op onze delegatie niet echt veel indruk…

Nooit vergeet ik mijn vaste compagnon. Een van de ondervoorzitters van de CCP. Hoe je dat wordt, ondervoorziter van de CCP? Een examen, was het antwoord. Waarvan hij wist dat de slaagkans 1 op 12.000 was. Heb jij daaraan meegedaan? Of course. Verloopt dat helemaal objectief? De enige uitzondering is de regionale spreiding. ‘De geslaagden mogen niet allemaal uit Peking komen. That’s quite obvious.’ Zelf kwam hij ook niet uit Peking, en hij gaf toe dat de verplichte verhuis naar de hoofdstad hem in het begin zeer zwaar viel.

En de mensenrechten? Laten we het daar ook eens over hebben, zegt elke Europese politicus als het eerste ijs gebroken is. Vaak kwam dan het antwoord: de mensenrechten zoals u daarover denkt? Wij zien dat anders. Ja, er is hier minder persoonlijke vrijheid, althans zoals die in uw hoofd zit. Wij vinden dat het algemeen belang voorgaat. Our population is 1.2 billion men and women. We got them out of poverty. At least, most of them. I admit: there is still some work to do, but we’re convinced that we will be succesful. Give us another few years, Mr Speaker.

Het kwam mij weer allemaal voor de geest toen ik zaterdag in De Standaard het interview las van Ruud Goossens met de Singaporese ex-ambassadeur bij de VN. Een eye opener. Over hoe Aziaten/Chinezen anders naar de overheid kijken. Bij ons iets waartegen je je moet beschermen, onder meer via mensenrechten; bij hen dient de overheid om de samenleving – en dus ook het individu – te beschermen tegen chaos en ontbering. Tja..

Over hoe Europa vanuit machiavellistische overwegingen beter kiest voor China dan voor de VS. Tja.. Hoe China doordrongen is van The Art of War van Sun Tzu: onnodige oorlogen op ver afgelegen plekken, die moet je vermijden. En dus zijn het geen imperialisten. Tja…  In mijn zeer jonge jaren luisterde ik naar In ’t Lieg Plafon, een programma in het Brussels dialect, bij Omroep Brabant, gepresenteerd en opgevrolijkt door Lange Jojo. Eén van zijn betere liedjes was De Chinuzen Tango/Le Tango chinois. Dat begon met de onsterfelijke woorden ‘k Zat op den tram mee ne Chinuus, op zaine schuut hattem een duus. En het eindigde met Mo na ken' k d' explication, hoe da dat komt die invasion. Alleman es takkoord en content, ‘t zit vol chinuuzen… in ons gouvernement !

Voorwaar, voorwaar…


Eerder

Spreek mij vooral tegen

Het klopt: als we uit de Corona-lockdown willen is opsporen en testen essentieel. Het virus is niet weg, en er is geen vaccin of medicijn. Willen we geen tweede lockdown, en willen we, zoals Bart D...

Lees het hele artikel

Overheidscommunicatie

Jan Segers schrijft vandaag in Het Laatste Nieuws over een HLN-iVox-peiling waaruit blijkt dat nogal wat ouders hun kinderen niet terug naar school durven laten gaan volgende maandag. In Wallonië e...

Lees het hele artikel

Het DNA van Vlaanderen

Niet oninteressant, dat boek. Interessant ook omdat nogal wat Wetstraatwatchers wel het utopische karakter zien van Vlaams Belang, PvdA of Groen, maar tegelijk zelf een andere utopie formuleren. He...

Lees het hele artikel

Corona vermindert armoede

In een zeer lezenswaardig interview met De Tijd zegt professor Ive Marx (Universiteit Antwerpen) dat ondanks de Coronarecessie de kans groot is dat onze Vlaamse armoedecijfers gaan verbeteren. Terw...

Lees het hele artikel
1 van pagina's Nieuwer Eerder