Supporters

‘Surviving Belgium requires a certain state of mind.’ Voor mij is dat de allermooiste zin uit ‘The Art of Belgian Zen’, het onwaarschijnlijk goed geschreven artikel in The Economist over ons dierbaar vaderland. Zelfs als u om de twintig seconden naar het woordenboek moet – het is inderdaad geen huis-, tuin- en keuken-Engels - dan nog moét u dat beslist lezen.

Omdat het interessant is te weten hoe de rest van de wereld naar ons kijkt. De wereldwijd gelezen papieren versie van The Economist heeft nog altijd een oplage van meer dan anderhalf miljoen exemplaren. Nog altijd, want ook The Economist wordt natuurlijk almaar meer digitaal gelezen.

Omdat het een journalistiek-literair pareltje is. Heel geestig ook.

Omdat je er ook een schitterende illustratie bij krijgt: het herkenbare beeld van René Magritte: de man-in-het-pak-met-de-bolhoed, oorspronkelijk met een groene appel voor het gezicht, maar in de plaats van de appel is er nu een handgranaat – de aanleiding voor het stuk is Jürgen Conings).

Omdat je op de rest van de bladzijde alle kwalen en kwaliteiten van dit land opgesomd krijgt. Waarbij kwalen en kwaliteiten merkwaardig genoeg vaak omkeerbaar lijken. Hét kenmerk van een niet-land waar het toch goed toeven is. ‘Secession would be simple, but pointless,’ staat er. Splitsen is simpel, maar heeft geen zin. En dit is ook geen slecht citaat: ‘It’s the world’s most successful failed state.’ Kan het absurder? Maar het is wel uw en mijn werkelijkheid.

Omdat je na lezing van dat stuk tot het besef komt dat goede journalistiek wél bestaat. Het volstaat met enige afstand goed toe te kijken, na te denken en scherp te formuleren. Maar dat blijkt dus moeilijk. Joël De Ceulaer (De Morgen) merkte in het weekeinde op dat onze voetbaljournalisten veel serieuzere analyses maken dan onze Wetstraatjournalisten. Die laatsten supporteren meer. Dat is natuurlijk een boutade, maar er is tamelijk veel van waar.

Omdat bij ons politieke journalistiek vooral focust op de perceptie: ruzie, strijd, winnaars en verliezers. Ook al dient die perceptie vaak alleen maar om de werkelijkheid te camoufleren. We kijken naar de dingen zoals we kijken naar een foto van de Britse koningin Victoria: niemand kan zien dat de alom geprezen vorstin, heerseres over het Empire, amper 1,49 meter groot was. Het blijkt overigens – geheel terzijde - een familietrek: haar oom, de Belgische koning Leopold I, was ook een klein mannetje; hij droeg altijd hakken van minstens 8 cm. Maar er is niet één schilderij waar je dat kan zien. Er is dus eigenlijk niet zo veel veranderd.

Omdat bij ons meer wordt gefocust op wie het zegt dan op wat er wordt gezegd. Met schrijnende gevolgen. De allereerste die in onverdachte tijden eens grondig naar onze energiefactuur heeft gekeken was geen journalist; wel een politicus: Tom De Meester van de PvdA. Maar omdát hij én politicus is en ook nog eens communist, werd zijn analyse compleet genegeerd, ook al was die opmerkelijk en choquerend genoeg.

Dat werkt trouwens ook in de omgekeerde richting. Toen Steve Stevaert zonnepanelen begon aan te prijzen, was er zo goed als niemand in volkse kring die zag dat het socialistische kopstuk eigenlijk een beleggingsproduct aanbeval. Wat de hogere middenklasse en een aantal heel rijke mensen wél meteen hadden begrepen. De rekening nadien loog er niet om. En die rekening viel dus ook in de bus van wie geen zonnepanelen had. Maar het bleef onbesproken: groene stroom, daar waren en zijn we voor. De kostprijs, nu ja.

Je ziet hetzelfde in de discussie over de atoomuitstap. De groene minister krijgt nauwelijks weerwerk. Want we zijn tegen kernenergie. Zolang ze maar niet aan onze bedrijfswagen komen. En groene ministers hebben per definitie goede bedoelingen.

Omdat we het liever hebben over Linda De Win en Michel Wuyts dan over de aankomende Zware Storm van de Vergrijzing, die we nooit kunnen doorstaan als mensen van de Vivaldi-regering weer vroeger mogen stoppen met werken.

De Vivaldi-regering die door haar samenstelling niets anders kan dan de interne spanningen met veel geld afkopen. A la Verhofstadt. Alleen had die dankzij Dehaene een primair saldo (begrotingsoverschot zonder rentelast) van 6%: Verhofstadt heeft die er met zwier doorgedraaid. De Croo had geen overschot, maar deelt met dezelfde zwier ook cadeaus uit. Bij The Economist zou zonder twijfel worden opgemerkt dat overheidscadeaus niet bestaan; er zijn alleen bijkomende inspanningen van de belastingbetaler. Niet bij ons.

De slotzin in The Economist kan niet duidelijker zijn: ‘As long as Belgium avoids true tragedy, nothing will disturb Belgian zen.’ Iets om in een landstaal naar keuze bij u aan de muur te hangen.

Doorbraak, 29 juni 2021


Eerder

De Paradox van de N-VA

‘Confederalisme is een middel, geen doel,’ zei Lorin Parys. Het was vorige zaterdag op een academische zitting ter gelegenheid van de twintigste verjaardag van de N-VA een opvallend onopvallend zin...

Lees het hele artikel

Platvis

Ik heb geen persoonlijk contact met Wouter Verschelden, hij is geen vriend, maar hij is wel onze beste politieke journalist. Wie zijn 8 AM Wetstraat Insider leest, wordt goed geïnformeerd: behoorli...

Lees het hele artikel

De Les van Neels

‘De kernpartijen, die vroeger de beleidspartijen werden genoemd, gaan achteruit en toch doen ze hetzelfde, in het geloof dat ze dan vooruit zullen gaan. Dat is een zeer bizarre, onbevattelijke dyna...

Lees het hele artikel

De Transparante Schijn

Volgens de regels van de kunst mag het niet: schrijven over wit, maar beginnen over zwart, waar ook veel voor te zeggen valt. Toch doe ik het. En niet alleen omdat de regels van de kunst in postmod...

Lees het hele artikel
1 van pagina's Nieuwer Eerder