IDEOLOGIE
21 september 2011
De Antwerpse OCMW-voorzitster Monica De Coninck is een sociaal-democrate zoals er meer zouden moeten zijn: een die niet immuun is voor voortschrijdend inzicht. En meer zelfs: ze heeft daardoor ook een verhaal (en dat kunnen niet alle socialisten zeggen). Een verhaal dat ook fors verschilt van het voorgeschreven en opgelegde gedachtegoed van links en progressief Vlaanderen. Ik beken: als ik mij op Twitter begeef, doe ik niets liever dan die provoceren. En elke keer lukt het. Ik ben oprecht verbaasd over zoveel collectieve verdwazing.
Dat maakt het verhaal van De Coninck overigens des te boeiender. In Knack. Ja, Dalrymple heeft een punt. En nee, het sociale beleid van de N-VA is niet zo gek. Je mag mensen niet doodpamperen, je moet ze verantwoordelijkheid voor hun eigen leven geven. Ja, laks omgaan met de instroom dreigt onze sociale zekerheid te ondergraven. En ja, er zijn profiteurs, een minderheid (gelukkig!), maar we halen die er uit, of we proberen toch.
Maar profiteurs hebben uiteraard ook rechten, en zij kunnen zich wenden tot de arbeidsrechtbank, wat ze ook in grote getale doen als we de Antwerpse advocaat-generaal Van Den Bon mogen geloven. In zijn mercuriale rede vertelde hij trouwens hetzelfde als De Coninck én als Dalrymple. Over het ‘risico van de uitkeringscultuur’, en over de ‘zelfingenomen vorm van inertie die ons systeem… laat wegkwijnen.’
In Gent loopt men op dat punt ongelooflijk achter. En met Groen! in een kartel, zal er dat niet op verbeteren. En dan hebben we het niet over de rol van sommige advocaten. Ik ken er een die met asielzoekers en andere gelukzoekers een zeer goed draaiende business heeft opgezet. De man is ook SP.A-mandataris. ’s Avonds komt hij op voor de welvaartsstaat, overdag ondergraaft hij die.
Veel heeft van doen – is dat niet verrassend in deze tijden? - met ideologische uitgangspunten. In Gent zijn er vele jonge tweeverdieners die geen kinderopvang vinden. Die moeten vandaag in de krant lezen dat de stad Gent voor inburgeraars wel 50 extra plaatsen voorziet. En dan komt de ideologie: voor wie ga je dan zorgen, in een situatie van schaarste waarin je moet kiezen wie eerst komt? Voor de inburgeraars? Voor de werkende jonge mensen? Het stadsbestuur maakt de keuze, maar ik ben het daarmee roerend oneens.
Ook omdat je van inburgeraars (met dank aan nonkel Dalrymple) mag verwachten dat ze zelf ook inspanningen leveren. Want ze krijgen hier kansen. En hun inburgering is de brug naar werk, onderwijs, participatie in de samenleving.
Bovendien geeft het Gents bestuur net aan die inburgeraars een gigantisch tegenstrijdig signaal: burger vooral rustig in, probeer dat ook te rekken, want eenmaal ingeburgerd en aan het werk, zal u achteraan moeten aanschuiven.
Dieu
13 september 2011
Van sommige oude staatsmannen is geweten dat ze staan te springen om ‘s ochtends in de vroegte commentaar te geven bij allerlei gebeurtenissen van de nacht voordien. Er zijn er ook die nooit spreken, en als die iets zeggen, dan kan je maar beter luisteren. En dat is twee keer waar als het gaat om Guy Spitaels, bijgenaamd Dieu. En dat is nog meer waar als de boodschap lijnrecht ingaat tegen de wijdverspreide, gemoedelijke consensus.
Beatrice Delvaux, nochtans recht in de leer, heeft hij zowaar van haar paard gebliksemd, met als gevolg “La vérité de Spitaels: elle va déranger.” Want Spitaels zegt wat de onderhandelaars alleen in schootnota’s durven bekennen: de discussie is zinloos. Spitaels vraagt zich af of di Rupo de Vlaming goed heeft begrepen, dan wel of hij probeert tijd te winnen. Zijn nota, zoals we ze hebben kunnen lezen, lijkt dat laatste te bevestigen.
Zeer merkwaardig: anders ook dan vele andere oude mannen van staat heeft Spitaels géén geromantiseerd beeld van vroegere communautaire veldslagen. De loodgieterij die in de tijd van Spitaels werkte (met ‘het onweerlegbare vermoeden van taalkennis’ over José Happart) werkt vandaag (met ‘de veronderstelde burgemeesters’) niet meer. Wat mijn collega’s en ik in onze tijd als ernstig hebben geslikt en verkocht, wordt vandaag zelfs door de braafste journalist onthaald op hoongelach. Net zoals de optimistische spin rond de onderhandelingen; dat klinkt holler en holler. Ook als wordt gemeld dat er bijna een akkoord was. Dat zeggen de Franstaligen altijd. Het is de paradox van Zeno: de lichtvoetige Achilles en de schilpad, ze naderen wel, maar elkaar raken doen ze nooit.
In plaats van te rekken, zou di Rupo beter met Charles Michel rond de tafel gaan zitten, en een project uittekenen voor Wallonië, vindt Spitaels. In plaats van te zoeken naar communautaire spitstechnologie, zegt hij, zou hij beter iets doen aan het bestuurlijke Waalse waterhoofd. “Le fatras d'institutions actuel, ce coût, ces doublons ! Cela nuit aussi à notre crédibilité.”In plaats van bangmakerij over verarming, zegt Spitaels eigenlijk, heeft Wallonië nood aan… nu durven veranderen. En, een detail, maar toch: « Ce De Wever, il ne me déplaît pas du tout.»
Hulde dus aan Dieu en zijn dérangerende boodschap. En wees maar zeker, die boodschap was zo storend dat ik er ergens anders nauwelijks heb over gelezen.
PS Guy Spitaels heeft altijd indruk op mij gemaakt. Ik herinner mij van hem de kortste persconferentie ooit. Ik weet nog letterlijk wat hij toen zei: “Mesdames, messieurs, trois choses en réponse au CVP : non, non, et non. Je vous remercie. » En dan zo gebracht, dat niemand verder nog één vraag wou stellen. Grote meneer!
Het parlement kan dat, als het wil
06 september 2011
De komkommertijd was weer niet mis. (Ik heb het zelden anders geweten) Regimes werden omvergeworpen, ratings werden verlaagd, stormen raasden ook over de financiële markten. En politici lijken gevangen: munt en welvaart verdedigen, het lukt niet meer; hervormingen doorvoeren die de toekomst verzekeren, het lukt niet meer.
James Carville, media-adviseur van Bill Clinton, heeft gezegd dat hij wou reïncarneren als obligatiemarkt, want die, zei hij, intimideert iedereen, zelfs de president van de VS, de machtigste man ter wereld. Maar mocht Carville de Belgische toestand beter kennen, dan komt hij terug als formateur van de Belgische regering. Want die blijkt geenszins onder de indruk van ‘the money that never sleeps”. Helaas is dat dwaasheid, geen dapperheid. Als de bodem uit het financieel systeem dreigt te vallen, gaat de formateur doodleuk drie weken op vakantie, met Koninklijke Zegen. En cruciale vergaderingen moeten wijken voor de gemeenteraad van Amay (14000 inw).
Het is zeer de vraag of de ultieme push van di Rupo – vandaag? morgen? 31 september? – er ooit nog komt. Wie gelooft nog dat er een diepgaande staatshervorming komt? En een coherent socio-economisch beleid? Met haat voor de rat (Camps), met parasieten (de sterke mannen van Amay), of met angst voor de kiezer (CD&V en VLD) hou je nooit een coalitie samen. di Rupo weet dat ook: maar il se trouve devant l’abîme, waar un grand pas en avant delicaat is.
Als de onderhandelingen mislukken, bewijst dat dat de analyse van de zittende premier klopt: al in 2007 zei die dat het Belgische model was vastgelopen. (Jaja, er is een tijd geweest - voor hij begon aan de afbraak van land, partij en zichzelf – dat Leterme zijn tijd vooruit was…)
Als die onderhandelingen mislukken, moeten we wel niet naar verkiezingen gaan, zelfs al wordt de N-VA in Het Laatste Nieuws een vooroorlogse monsterscore voorspeld. (En voor wie daar mocht aan twijfelen: Bart De Wever vindt dat ook). Omdat alleen al met de aankondiging van die verkiezingen we volop riskeren weerloos te worden overgeleverd aan de financiële markten. Omdat ook die monsterscore de Belgische grendels niet breekt. Omdat er ook zoiets bestaat als verantwoordelijkheid tegenover de mensen.
Als die onderhandelingen mislukken moeten we blijven beseffen dat de hervormingen die de Europese Commissie heeft voorgesteld, ons ooit zullen worden opgelegd. En dus doen we dat beter zelf. Het is het enige regeerprogramma dat de toekomst kan veiligstellen. Een andere weg, bestaat niet.
Daarmee nog langer wachten heeft dus geen zin. En misschien moeten we dan maar in het parlement op zoek gaan naar een coalition of the willing. Die tegelijk het Belgisch imbroglio kan aanpakken, op basis van artikel 35 van de Grondwet. We onderhandelen over wat we nog samen willen doen.
En in ruil voor het eerbiedigen van het territorium en de soevereiniteit, is Vlaanderen solidair met de Franstalige buren. België kan dan zelfs model staan voor een ander Europa, want ook dat snakt naar een nieuw evenwicht tussen verantwoordelijkheid en solidariteit.
Het parlement kan dat, als het dat wil.
OLD SCHOOL
29 juli 2011
Als verontwaardiging een goede reden is om aan politiek te doen, dan is er maar één conclusie: er is nog veel werk. Want het is ronduit ontstellend om zien hoe ver politieke partijen durven gaan als het erop aankomt ene van ons in bescherming te nemen. En zo goed als altijd heeft dat ook van doen met geld, meestal veel geld. En met macht natuurlijk. En wie zegt macht en geld, komt helaas – u leest goed, ik herhaal: helaas - haast vanzelf uit bij socialisten. Die zijn zoals bekend elke dag bezig met echt links beleid, met de herverdeling van de rijkdom, maar beginnen in afwachting met zichzelf. Ik zeg dat niet; ik lees het, ik hoor het, ik zie het.
Kijk naar Belgacom. Kijk naar de NMBS. Overheidsbedrijven als wingewesten van old boys. Die daar trouwens ook – eigenlijk is dat even onthutsend – zeer makkelijk mee wegkomen. Er zijn kritische stemmen – ik lees ze vandaag in De Tijd; ik zie gisteren Paul D’hoore op VTM – maar de meeste andere duiders slikken wonderwel vlot wat hen wordt ingelepeld. Zonder zich af te vragen of wat wordt gezegd ook waar is, of zelfs waar kan zijn. Dat is nochtans het minimum wat van journalisten kan worden verwacht.
Want wie kan uitleggen dat CEO Bellens het belang van Belgacom niet heeft geschaad? De feiten zijn au fond simpel: Bellens heeft een gebouw van Belgacom verkocht onder de (markt)prijs. Dat lijkt me nogal makkelijk vast te stellen. Belgacom heeft met andere woorden voor dat gebouw beduidend minder geld gekregen dan kon worden verwacht. Maar dat blijkt dus geen punt: de belangen van Belgacom zijn niet geschaad? Hallo?
De verklaring is vanzelfsprekend NIET dat Bellens in ruil de koers heeft mogen volgen op kosten van de Nationale Loterij. Voor een mens die 10.000 euro per dag verdient, lijkt me dat redelijk onnozel, hoewel allicht juridisch relevant. Maar de échte verklaring zit naar alle waarschijnlijkheid in de sfeer van ons kent ons, van het aloude Belgische adagio ’t Een plezier is ’t ander waard. Bellens heeft ervoor gezorgd dat die mevrouw De Groeve makkelijk groot geld kon verdienen, zoals de PS dat aan Bellens zelf ook toestaat, zoals grote jongens en meisjes elkaar iets gunnen quoi…
Dat is ook de verklaring waarom de Raad van Bestuur daar geen graten in ziet. Want wie zit er in die Raad van Bestuur? Juist! De boswachters zijn stropers, en omgekeerd. En dat is des te meer pervers omdat de leden van de Raad vertegenwoordigers zijn van politieke partijen, die geacht worden – op zich een uitstekend principe – daar te zitten uit naam van het algemeen belang.
Dat is overigens niet typisch Franstalig of zelfs typisch PS. Bij de SP.A kennen ze daar ook wat van. De invloed van de Vlaamse socialisten in het overheidsapparaat is omgekeerd evenredig met hun aantal stemmen. Hoewel – dat is de conditio sine qua non van het systeem – anderen meestal mogen meedelen; niet te veel, een beetje. Ik zie dat op veel plaatsen, maar het beste is dat te zien bij de NMBS. Daar is er trouwens nóg een wetmatigheid: hoe meer (zelf verklaarde) progressieven daar de dienst uitmaken, hoe minder belangstelling voor reizigers, hoe zwaarder ook de financiële problemen…
Master of the game is daar de onnavolgbare Jannie Haek. De indruk ontstaat dat zelfs voogdijminister Vervotte aan Haek niets meer te zeggen heeft. Die heeft hem – lees ik in de krant vandaag - laten weten dat hij geen topbenoemingen mag doen. Maar Haek zegt dat ze zich vergist. Punt uit. Because I said so. En de kans dat Vervotte hem tegenspreekt, is zo goed als onbestaande. Want Haek is zo slim om óók iemand van de christelijke vakbond te benoemen, een medewerker van… Vervotte.
De combinatie vakbond-spoor is overigens goud waard. Om maar iets te zeggen: wie als vakbonder bij het spoor op pensioen gaat, krijgt een automatische rangverhoging. De loopbaan van vakbonders zijn trouwens hoe dan ook gekoppeld aan die van niet-vakbonders-die-carrière maken. Als met andere woorden iemand promotie maakt die net vóór een vakbondsmens met dezelfde graad geklasseerd staat, dan krijgt de vakbondsvrijgestelde diezelfde promotie ook. En omdat de vakbond mee het personeelsbeleid bepaalt, zie je vaak dat totaal onopvallende lieden wel opvallende carrières maken. Een vorm van zelfbediening waarover is nagedacht!
Maar het betere werk komt dus van Haek. Hij gaat in de luwte van de zomermaanden twee nieuwe directeurs-generaal benoemen. De kandidaten zijn geselecteerd. Op papier door een groot headhuntersbureau (het zou interessant zijn te weten hoeveel dat heeft gekost); in werkelijkheid door Haek zelf, die trouwens de selectiecriteria een paar keer heeft veranderd. Haek maakt soms foutjes: zo had hij niet gezien dat een van de te benoemen kandidaten geen diploma hoger onderwijs had… Geen probleem, huiswerk wordt overgedaan: die vereiste wordt gewoon geschrapt. Eind volgende maand kunnen de benoemingen door de Raad van Bestuur worden gesluisd… Haek heeft de Raad beloofd dat de benoemingen ‘juridisch sluitend’ zullen zijn…
Een mens kan daar misschien om grijnzen, maar helaas: Belgacom, de NMBS, dat zijn wij. Wij betalen dat; in alle opzichten.
Déjà-vu
15 juli 2011
Ik krijg alsmaar meer het gevoel dat ALS er een regering komt, dat er een zal zijn zoals in 2007. Toen die nog maar pas gevormd was, heb ik - toen nog journalist, maar toen al overduidelijk met 'een gedacht' - in De Morgen een commentaarstuk geschreven. Als ik het vandaag lees, is een déjà-vu niet te onderdrukken. Waarmee nog maar eens bewezen mag zijn dat je niet echt een visionair moet zijn om de toekomst te voorspellen...
"Alle politieke partijen zeggen in wezen hetzelfde: ze willen zoveel mogelijk geluk voor zoveel mogelijk mensen. En het politieke debat is niets anders dan de discussie over de weg naar dat geluk.
Het voordeel bij ons is dat we nooit voluit met één van die wegen van doen hebben. Niemand heeft genoeg stemmen om zijn eigen gang te gaan. We krijgen altijd een mengeling van minstens twee wegen. Het resultaat mag dan vaak wat kleurloos zijn, wat trager ook, en er wordt voor en na ook eindeloos gepalaverd, maar toch is het voordeel groter dan het nadeel. In landen met een ander kiessysteem blijkt immers dat die ene weg naar meer geluk vaak ook weer niet je dat is. Ik heb dat geleerd van Mark Eyskens: in onze Wetstraat vloeit weliswaar de zever overvloedig, maar het bloed gelukkig nooit.
Naast de keuze tussen de verschillende wegen naar geluk, gaan verkiezingen en regeringen ook over het aanwijzen van mensen waarvan we denken dat ze ons kunnen besturen. En dat is veel-veel meer dan de uitvoering van partij- of regeerprogramma. Besturen is ook (en misschien zelfs vooral) adequaat reageren op het onverwachte, op wat niemand had zien komen, en dus in die programma’s ook niet beschreven staat. In die zin zijn entertainmentprogramma’s met politici buitengewoon interessant, want die laten zien of ze voor reageren op onverwachte toestanden enig talent hebben. Vandaag schiet van dat boven beschreven mooie en hoogst voordelige systeem zo te zien maar weinig over. Nous avons un Gouvernement! roept mét hoofdletter en uitroepteken Elio di Rupo op zijn website. En uit wat daarop volgt blijkt grote vreugde.
Het doet me denken aan een krantenkop die ik ooit zag in Zaïre: Le Président-Fondateur a donné une Conférence de Presse ! Wat de man had gezegd bleek verder nergens te vernemen…
Kennelijk is voor di Rupo en partners een regering geen middel meer voor meer geluk, maar een doel an sich. Als we er maar een hebben. Het is er ook de tijd voor, zo rond Kerstmis. Wat moet de koning anders gaan zeggen maandagavond? En wat moeten ze in het buitenland niet denken?
Want een regeerprogramma is er niet; en een akkoord over waar dat programma later moet over gaan, eigenlijk ook niet.
De jacht om de jacht, om het plezier van het jagen, niet omwille van de buit die men wil opeten. Dat heet in filosofische geschriften divertissement, zeg maar vermaak.
Toegegeven, er zijn wel bestuurders. Veertien. Gisteren nog vechtend over de keien van de Wetstraat, vandaag lachend op de foto. Omdat we er zelf op aandrongen, zeggen ze ons…
Wie begrijpt die mensen nog? Het is een believer die het vraagt. Het geloof in de politiek en in het debat tussen keuzes, is dat niet om te koesteren? Wordt dat hier niet te grabbel gegooid?
Of valt er misschien ook niet meer te besturen? Omdat het kader waarbinnen dat moet niet meer past? Omdat zij die het moeten doen de ruzie al lang voorbij zijn, en de staat van onverschilligheid hebben bereikt?
Heeft u – à propos - Willy Claes gezien in Terzake? De wanhoop van die man? Omdat hij zich met de beste wil van de wereld niet kan voorstellen dat de PS er ooit maar zou kunnen aan denken in een regering te stappen zonder de Vlaamse zusterpartij. Terwijl hij merkt dat het intussen gebeurt, zonder enig kabaal, enig geluid. Ook niet vanuit de SP.A. Zonder overleg met de kameraden van de vakbond en de ziekenkas. Solidariteit moet over grenzen gaan, zei Claes, zo had hij het altijd geleerd. Ik vrees dat het land van Claes niet meer bestaat. En Elio di Rupo weet dat; hij heeft het zelf ook zo beslist.
Hij eist wél dat de CDH van Joëlle Milquet mee regeert, en kiest voor Wallonië; dat is zijn horizon. Daar spelen niet alleen de volgende verkiezingen; daar speelt ook zijn solidariteit. Dit is de keuze voor scheiden zonder woorden, zonder het ook te zeggen. Als het moet onder het gezamenlijk zingen van C’est la lutte finale…
Karel De Gucht had het, toen hij nog geen minister van Buitenlandse Zaken was, over de verdamping van de Belgische staat. Verdamping maakt geen geluid.
Dit is dé staatshervorming. Ze zit in de hoofden, en loopt voor op de staatshervorming die nog in het parlement moet komen. Het einde van België? Ja, als we blijven aanmodderen. Neen, als de hervorming ver genoeg gaat. Per slot van rekening is ons belangrijkste bestuursniveau (Europa) ook opgedeeld in kleinere stukjes, omdat we ons daar ook vooralsnog beter bij voelen.
Dat wordt zonder twijfel een moeilijk en complex verhaal, maar dat is wel uit te leggen. Het is eerbaar én te begrijpen. Anders dan een regering die de politiek naar eigen zeggen niet heeft gewild, maar die moest. Want dat is – met alweer dank aan Mark Eyskens – Dallas maar met slechte acteurs en zonder scenario. Een regering zoals een stel dat, na jarenlange vrijage, kort voor het huwelijk zelf in de gaten krijgt dat ze niet meer met elkaar kunnen opschieten, maar om het feest niet te verknallen en de familie de schande te besparen, dan toch maar besluit te trouwen. Iedereen begrijpt dat dat niet goed afloopt…"
De 4de breuklijn
14 juli 2011
Wie de laatste dagen de politiek volgt, kan er niet naast kijken: er is een 4de breuklijn. Elke student van Carl Devos kent ze, de drie klassieke breuklijnen: de levensbeschouwelijke, de socio-economische en de communautaire. En nu de vierde: Bart De Wever!
Ik weet het: een mens moet in alle omstandigheden bescheiden zijn, en het vooral blijven, maar anderzijds kan niemand de werkelijkheid ontkennen. Nogal wat (ook dat is bescheiden gezegd) partijen herleiden hun politieke boodschap tot voor of tegen Bart De Wever, voor of tegen de N-VA.
Dat gaat zo ver dat Caroline Gennez in één interview tegelijk di Rupo aanraadt om een anti-N-VA-nota te schrijven om de N-VA nee te laten zeggen, maar zodra die N-VA dat ook doet, hekelt Gennez de N-VA vanwege onverantwoord gedrag. Daar is een woord voor: obsessie. Vandaar ook haar bewering (1 mei) dat de N-VA in de scholen de zwarte kindjes gaat wegpesten, en recent ook Daniël Termont die wat de N-VA in Gent zegt over de problemen met de Roma, rassenhaat noemt. Jaja, u leest dat goed: rassenhaat. Nog eventjes, en er is weer een cordon sanitaire…
En er is natuurlijk ook Alexander De Croo, die in de hoogste top van de boom van Elio di Rupo rijpe vruchten gaat plukken, in de wetenschap dat de rotte vruchten na goed schudden wel zullen verdwijnen. Optimism is a moral duty, ik ben het daar zelfs mee eens, maar ik vrees dat hem niets anders zal resten dan de hem bekende stekker.
Tenzij Karel De Gucht gelijk heeft, en open VLD een aantal liberale strijdpunten nu al intrekt, vanwege toch onhaalbaar. Niet al te gehecht zijn aan de eigen strijdpunten, het is een bewijs van staatsmanschap. En is er al eens één partij die gelooft in wat ze zelf zegt: weg ermee! The World according to Karel De Gucht…
Al zijn er politologen die nóg straffer zijn. Lees Dave Sinardets waterdichte redenering in Het Laatste Nieuws: als de CD&V geen kiezersbedrog pleegt is dat op zichzelf een vorm van kiezersbedrog. Want de kiezer gaat er namelijk van uit dat CD&V áltijd kiezersbedrog pleegt. En dus mag de CD&V eigenlijk doen wat ze wil, als ze tenminste maar De Wever lost… Ik heb het al eerder gezegd: Sinardet verhoudt zich tot de politiek, zoals ikzelf tot de kwantumfysica.
Laten we wel wezen: ook ik, ook wij vinden dat er een regering nodig is. Maar dan wel een met geloofwaardige en diepgaande hervormingen zoals ALLE internationale instanties die van ons vragen. Een regering dient namelijk om iets te doen, een regering is nooit doel op zich. Maar ok, al wie het anders ziet, moet er maar aan beginnen. De eerste anti-DeWever-regering; de eerste regering voor wie het onbelangrijk is waar ze voor is, als ze maar tegen De Wever is. Daar bestaat ook een woord voor: harakiri, en dat slaat nog het minst op die regering zelf.
EPILOOG
28 juni 2011
Er zijn van die momenten dat een blogger niets meer moet schrijven. Bovenstaand stuk was nog maar de deur uit, of de onvolprezen krant Het Laatste Nieuws publiceerde een interview met vader en zoon De Loor. Een wat mij betreft prachtig interview omdat het pur et simple bevestigt wat ik eerder schreef.
De koningen van Zottegem laten in dat interview in hun ziel kijken. Vooral junior is openhartig. Bijvoorbeeld over het uitdelen van gunsten, niet als humaan gebaar, maar als politieke doel.
Toen mijn broer en ik klein waren, kregen we zakgeld om naar de kermis te gaan. Toen we vertrokken zei ons vader: Als er op de kermis kindjes lopen die het niet te breed hebben en die ook graag op de molen zitten, geef ze dan een beetje geld, zo dat ze ook een ritje kunnen maken. Dat heb ik altijd onthouden. En dat wil ik ook nu nog doen voor onze inwoners.
Mooi zo! Ten tijde van de goede, ouwe christelijke caritas mocht de linkerhand niet weten wat de rechterhand gaf, maar het moderne socialisme denkt daar anders over: ere wie ere toekomt!
Het institutionaliseren van het menselijke gebaar, wat kan daar uiteindelijk tegen zijn? Dat is toch het ware socialisme? Dat mythische systeem is ontelbare keren geprobeerd en bestaat zelfs echt:
Een socialisme zoals in Cuba, waar 98% van de bevolking kan lezen en schrijven, er gratis onderwijs en gezondheidszorg is voor iedereen: dat is mijn natte droom. Maar ik vrees dat het een utopie zal blijven. Ik wil wel beklemtonen dat ik hiermee het beleid in Cuba niet wil verheerlijken.
Met dat laatste bedoelt junior ongetwijfeld dat hij het betreurt dat de heilstaat in Cuba wordt afgebroken door Raoul Castro en vast niet dat diezelfde heilstaat een halve eeuw werd gestut door een repressief regime.
Nee, deze man is een échte socialist, geen Pappenheimerexemplaar. Het moet niet gezellig zijn, maar recht in de leer. En dat télt voor iets:
… tijdens de laatste verkiezingen was ik wel de enige socialist met een echte ideologische slogan: 'Meer socialisme met Kurt de Loor.'
Alstublief! Meer socialisme! Bekt lekkerder dan ‘Alle arme kindjes werken aan de Staat!’ en de vlag dekt de lading. Meer zelfs: naar mijn bescheiden mening is dat een slogan waar je ook Voorzitter van de SP.a mee kan worden.[1] Niet getreuzeld, Kurt!
PS: Die harteloze André Denys heeft nu toch wel de beslissing van De Loor vernietigd zeker. Het gevolg? De Loor beslist dat Zottegem dan géén jobstudenten nodig heeft. Wat betekent dat er eigenlijk geen werk was. Een socialisme zoals in Cuba, weet u wel…
[1] Kameraad De Ceulaer is het ongetwijfeld met me eens op dat punt.
Dalrymple-in-de-praktijk: het Zottegems model
23 juni 2011
Ik heb een brief gekregen uit Zottegem. Van een mevrouw met studerende kinderen. Die allen in de zomer een vakantiejob doen. Kinderen uit een eenoudergezin, die dus, zo begrijp ik het, in aanmerking komen om van het Zottegemse stadsbestuur een studentenjob te krijgen. Want oersocialist en burgemeester De Loor gaat de vakantiejobs toewijzen aan kinderen van ouders met lage inkomens. Maar ik val nog liever dood! Het is een zinnetje dat in de brief wel een keer of vijf wordt herhaald.
Die mevrouw heeft gelijk. Ze legt – wat zijn zogeheten gewone mensen toch ongelooflijk slim! - de vinger in de wonde. Ze schrijft namelijk hoe vernederend ze het zou vinden om met haar belastingbrief naar het stadhuis te gaan om de burgemeester of zijn helpers te laten zien hoe arm ik wel ben en hoe ik moet knokken om mijn kinderen een toekomst te geven. Maar ik val nog liever dood!
Ik kan haar helemaal begrijpen, ik voel wat ze voelt, het is een van de redenen waarom ik mij al geruime tijd niet meer thuis kan voelen bij de zogeheten linkerzijde. Ik heb ethische bezwaren.
Niet alleen omdat het een gemeentebestuur niet toekomt te neuzen in belastingbrieven van de bewoners. Niet alleen omdat wie van de zomer bij de Zottegemse groendienst werkt een onzichtbaar uniform krijgt met daarop de A van Arm en Afhankelijk. Wat mij het meeste stoort is het onderliggende maatschappijbeeld. Dat heeft een te hoog Charles Woeste-gehalte. De 19de-eeuwse katholieke politicus uit Aalst (tegenstander van Daens) deelde drank en saucissen uit aan wie hem gepaste eerbied kwam betonen. En net als in de film krijgt ook wie nog niet mag gaan stemmen al een saucisson...
Het komt overeen met wat deNederlands-Britse professor mensenrechten en journalistiek Ian Buruma heeft opgemerkt over Wallonië: er is een merkwaardige gelijkenis tussen de PS en de 19de-eeuwse fabrieksbazen. Beiden voel(d)en zich het best met mensen in een afhankelijkheidspositie. Ze houden de mensen rustig door ze net genoeg te geven. Het is de stagnatie in het kwadraat. Het is de dubbele negatie van dynamiek en zelfbeschikking.
In De Standaard vraagt iemand zich af of we dan alle goede bedoelingen moeten kelderen? De weg naar de hel is -zoals geweten- geplaveid met goede bedoelingen. Zeker het soort goede bedoelingen waar opzichtig mee wordt uitgepakt.
Het komt ook overeen met wat ik een paar jaar terug over burgemeester De Loor in Het Nieuwsblad heb gelezen. De krant had een rapport geschreven over lokale besturen. De Loor kwam daar niet goed uit, en reageerde zoals het een despoot past: was hij dan niet dag en nacht in de weer voor de mensen!? Hoe durfden ze hem een slecht rapport geven?! Een reactie zoals die van de oude BRT op zwaar tegenvallende kijkcijfers: Wat hebben wij u misdaan?
Al moet ik toevoegen: Herman De Loor heeft ook een groot voordeel: hij laat open en bloot in zijn kaarten kijken. Al kan dat ook van doen hebben met enige verblinding of zelfs denkvernauwing. Een gevolg van te lang aan de macht zijn.
Dat soort volk vestigt overigens ook altijd een dynastie. Het eerste doel van elke dynastie is zichzelf te bestendigen. Hier past dat perfect in het plaatje: de gunsten uitdelende koning van Zottegem behoeft een Kroonprins, Kurt De Loor. Die is nu al OCMW-voorzitter en Vlaams volksvertegenwoordiger. Het is, jawel, de man die Vic Van Aelst vergeleken heeft met Ratko Mladic. Een oefening in genuanceerd denken om U tegen te zeggen.
Hoewel… Misschien hebben we die bij de N-VA wat te makkelijk weggelachen. Als ik lees dat de Opvolger (‘Zijn hobby? Zottegem!’) én bij Fortis manager is geweest, én tegelijk rechtgeaard fan is van Fidel Castro, dan moet ik het toegeven: deze man kent iets van foute vrienden.
En die mevrouw uit Zottegem? Zonder dat ze dat weet heeft ze me Dalrymple-in-de-praktijk onderwezen. Dank daarvoor.
Cynisme
06 juni 2011
In Het Laatste Nieuws heeft Jan Segers een parel van een interview gemaakt met spoorbaas Jannie Haek. Omdat het in één bladzijde alles zegt over socialistische apparatsjiks. Van een wervend verhaal is geen sprake, van eindeloos cynisme des te meer. Dat verhaal is in de ogen van deze mannen van staat trouwens nergens nog voor nodig. Ze hebben in de paarse jaren het staatsapparaat zodanig vertimmerd en ingepalmd dat ze voor lange tijd van de partij zullen zijn, hoe klein die partij ook mag worden. Om stemmen is het dat soort mensen niet meer te doen; om macht des te meer.
Haek haalt in dat interview ongeveer alles boven dat de rode baronnen zo typeert. Aan de ene kant bezet je wél alle sleutelfuncties bij (in dit geval) het spoor, je zegt dat je ook fan bent van… maar tegelijk heb je niets te maken met al wat verkeerd loopt. Je zegt tegelijk ‘De NMBS haalt niet de vereiste minimale kwaliteit’ en ‘Ik hou van het spoor. Absoluut.’
Waarmee trouwens ook duidelijk wordt gemaakt waarom Den Ijzeren Weg[1] niet meer bestaat, en drie aparte (en elkaar bestrijdende) entiteiten zijn: niet alleen kon men dan de topjobs en –mandaten verdrievoudigen, maar niemand is in die structuur verantwoordelijk. There is always an easy way out. Want de NMBS, dat is niet Haek, dat is Descheemaecker, een liberaal, en die laat treinen rijden. Over sporen… waarvan een PS’er de baas is.
Een jaar of twee terug was ik ’s avonds laat op weg naar Mol, en door een probleem verderop, moest de trein stoppen in Lier. Toen de mensen aan het loket in het station gingen vragen hoe ze thuis konden geraken, zei de man: ‘Daar heb ik niets mee te maken. Ik verkoop alleen maar vervoersbewijzen’. Om maar te zeggen datde cultuuromslag naar totale on-verantwoordelijkheid een succes kan worden genoemd…
Maar terug naar Haek, die dus de baas is van de NMBS Holding, en bijgevolg niets van doen heeft met.. de NMBS. Bewijs? ‘De NMBS mag zijn kop niet in het zand steken… Ze moeten het over een andere boeg gooien.’ Misschien moet Jannie Haek zich eens afvragen wat er gaat gebeuren met zijn NMBS Holding de dag dat de NMBS failliet gaat? Of is dat een foute vraag?
Fout is in elk geval wat Haek zegt over de splitsing in drie. ‘We doen braafjes wat Europa ons vroeg.’ Europa vraagt de splitsing tussen spoor en trein, om ook treinen van andere maatschappijen bij ons te kunnen laten rijden, en concurrentie te organiseren. Europa vraagt dus twéé entiteiten; geen drie. De opdeling in drie is een paarse constructie, nodig en nuttig om iedereen te ‘bedienen’. Dat dat in de praktijk niet werkt, en ook niet kan werken, het zal de mannen van staat worst wezen.
Haek heeft nog een vast antwoord: het kan altijd erger. Gebrek aan reizigerscomfort en vertragingen? De file is nóg lastiger. Dure tickets? Er bestaan ook gunsttarieven. Het spoor kost teveel aan de belastingbetaler? Het kostte vroeger nog meer. Teveel stakingen? Er wordt meer over gesproken dan er werkelijk wordt gestaakt. Haek zelf die met 500.000 euro teveel verdient? Hij hoort bijlange nog niet tot de groep van de 20 best betaalde CEO’s…
Het rolt er allemaal uit met een ei zo na onaards cynisme. Al is er één uitzondering: de vakbonden. ‘Ik moet opletten wat ik nu zeg. (Denkt lang na)’ Al geeft deze dappere sociaal-democraat daarna toe dat er sprake is van een overbeschermd personeelsstatuut, en van foute belangenverdediging. Ik vraag me af wat het antwoord zou zijn geweest als hij niet oplet, en minder lang had nagedacht…
Wat verderop in Het Laatste Nieuws staat in de altijd interessante rubriek ‘Zo leven wij…’ het verhaal van Andy en Brenda uit Landskouter, en hun zoontjes Robin en Simon. Mensen die hard werken, goed en gelukkig leven, maar echt breed hebben ze het niet. Ze zijn ook van nul moeten beginnen.
Ik kan me niet voorstellen dat er ook maar enig verband is tussen de wereld van Jannie Haek en de wereld van Andy en Brenda. En wat ik zeker weet: Andy en Brenda hoeven van de Haeks van deze wereld niets meer te verwachten. Die zijn bezig met andere belangen.
[1] Woorden van mijn grootvader, die heel zijn leven bij het Spoor heeft gewerkt, en zich deel voelde van een familie, na zijn pensionering met trots ook naar nieuwe treinen ging kijken, …
Over recht en maatschappij
30 mei 2011
De nieuwe wet over de gezinshereniging is nu ook aangenomen in de plenaire Kamer. Na een lang maar heerlijk-ouwerwets écht debat. Hoewel… De greep naar de macht van het parlement stemt niet iedereen tot vreugde. Het editoriaal van Le Soir van vorige vrijdag spreekt in dat verband boekdelen. Zou eigenlijk voor iedereen verplichte lectuur moeten zijn. Als de Kamer een wet goedkeurt die Le Soir niet aanstaat, is dat een halve staatsgreep. En ook al is de aangenomen wet een werkstuk van verschillende partijen, ook nu weer: allemaal de schuld van de N-VA! Au Parlement, le piège se referme! (<-Hier doorklikken)
Even bizar als het commentaar van Le Soir was in het debat zelf de tussenkomst van de groene en van de wereld geheel vervreemde professor Brems. Striktere regels voor gezinshereniging = schending van mensenrechten en schending van Europese regels, zei Brems. Dat de invoer van bruiden en bruidegoms zorgt voor het systemisch ondergraven van de onderwijskansen van de kinderen, dat de kansen op (vrouwen)emancipatie worden verknoeid, dat de integratie geen kansen krijgt, dat de allochtonen op die manier nooit Vlamingen kunnen worden, het zal de rijk-linkse elite worst wezen. Integendeel, dat hebben ze graag. Kwestie van hun fond de commerce te kunnen houden. Er moeten after all genoeg sukkelaars overblijven…
Met die gezinshereniging is het zoals met het boerkaverbod. Iedereen weet dat de godsdienstvrijheid een fundamenteel recht is, maar dat een boerka niets met vrijheid van doen heeft. U raadt wie als enige van de 150 volksvertegenwoordigers ook dat boerkaverbod flagrante mensenrechtenschennis vond, en dus tegenstemde...
Brems is the boy who cried wolf. Als de echte wolven er aankwamen, was er niemand nog aan het luisteren. Mensenrechten zijn te essentieel om ze zo lichtzinnig te misbruiken.
De Orde van Vlaamse Balies had trouwens ook kritiek op de gezinshereniging. Toegezonden drie dagen voor de plenaire bespreking… In essentie de kritiek van de hoeders van de “rule of law”.
Tocqueville beschrijft in zijn La Démocratie en Amérique hoe allergisch juristen zijn voor de willekeur van de staat, en hoe het recht daartegen moet beschermen. Tegelijk behoren ze, uitgerekend door hun kennis van het recht, tot de elite die het moeilijk heeft met de democratie. de Tocqueville:
“ They participate in the same instinctive love of order and of formalities; and they entertain the same repugnance to the actions of the multitude, and the same secret contempt of the government of the people. I do not mean to say that the natural propensities of lawyers are sufficiently strong to sway them irresistibly; for they, like most other men, are governed by their private interests and the advantages of the moment.”
Maar het is goed dat de Vlaamse balies mee debatteren. Ik kijk uit naar het moment dat we in de Kamer het debat voeren over het niet langer betalen van advocaten die zonder feitelijk nieuw element, toch de procedures uitputten. In Nederland heeft dat de duur van de rechtsgang aanzienlijk ingekort.
recentere berichten - 3 / 13 - oudere berichten